Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

Cultuurpers | 24 July 2014

Scroll to top

Top

Geen reacties

North Sea Jazz 2009: Geest Michael Jackson waart rond in Ahoy

Door Maartje den Breejen
 
Het North Sea Jazz kwam traag op gang dit jaar. Letterlijk, want vrijdag kampte juist de metrolijn naar het Ahoy’ met een urenlange storing. En figuurlijk: overal hoorde je mensen zeggen dat ze hun draai niet konden vinden. Niet verwonderlijk. Het programma bood die dag nauwelijks verrassingen en de grote acts vielen tegen. Natuurlijk was het bijzonder om de 83-jarige blueslegende B.B. King te zien optreden – gezien het feit dat hij met een rolstoel naar en van het podium werd gereden, was het misschien echt de laatste kans – maar de toon van een festival kon toch niet gezet met een soort van afscheid. Degenen die zich hadden verheugd op het jeugdige elan van Duffy, zagen een stijf dametje in een glitterjurk heen en weer over het podium tippelen en alsmaar datzelfde lammetjes-vibrato produceren. De sfeer bleef lauw.
 
In een middelgrote zaal presenteerde het North Sea de meest urgente Japanse jazzbands van het moment. Zo strak als de Japanners er uit zagen, zo strak klonk ook de hardbop van groepen als Quasimode en Kyoto Jazz Massive Live Set. Maar voor opwinding zorgde alleen Soil & Pimp. En die krankzinnige formatie, waarbij een stoïcijnse pooier wordt geflankeerd door een rimtesectie en twee blazers die zo snoeihard spelen, dat het lijkt of ten oorlog gaan, zijn inmiddels al vaste gast van het festival.
 
Een nieuw geluid was vrijdag wel te vinden in het kleine zaaltje met de naam Yenisei. Daar speelde trompettist Matthias Schriefl, afkomstig uit een Oost-Duits plaatsje, waar men naar zijn zeggen nog lederhosen draagt. Hij speelde trompet als een jonge olifant: verlegen, wanhopig en vertederend. Midden in een ruig rock gedeelte met stevige onheilspellende gitaar, stampende drums en dwingende bas, gingen hij en zijn bandleden over in een stripfiguurachtige koorzang: lalalalaaa. Schriefl liet zien dat esthetiek en humor samen kunnen gaan.
 
Zaterdag was vanaf de eerste stap in Ahoy’ te merken, dat de sterren beter stonden. In de toegangshal brachten de leden van de wandelende TBC Brass Band in New Orleans-stijl, met tuba, een eerbetoon aan Michael Jackson met een rondborstige uitvoering van Shake your body down (to the ground). De geest van de King of Pop waarde overigens over het hele jazzfestival rond. Later op de avond speelden de drie virtuoze bassisten Stanley Clarke, Marcus Miller en Victor Wooden een testosteron-uitvoering van Beat it. De variété-dansgroep Harlem James Gang deed de moonwalk. En Jamie Cullum zong a capella Thriller.
 
De huisartiest was dit jaar de eigengereide duizendpoot John Zorn. Hij dirigeerde zijn gelegenheidsband Bar Kokhba, die zijn ingenieuze mix van klassiek, jazz, swing en country en oosterse- en filmmuziek ten gehore bracht. Zorn stapelde laag op laag en ritme op ritme, waardoor de luisteraar zich in een uitdeinend universum waande.
 
Grote publiekstrekker was componist, pianist, bandleider en arrangeur Burt Bacharach. Het was zijn eerste optreden in Nederland. Hij kroop achter de vleugel en opende met drie zangers het concert met een medley van zijn grote hits zoals Walk on by, What the world needs now en I say a little prayer. De beminnelijke oppermeester riep zijn ‘special guest Traincha’ het toneel op. En Trijntje Oosterhuis liet met een voordracht van Who’ll speak for love horen tot welk een perfectie zij in staat is. Elke noot plaatste ze met zorg, liefde en vakmanschap.
 
Nog zo’n zangeres, die voor verbijstering zorgde, was Rachelle Ferrell. Samen met opperfunker George Duke stond ze op het grote podium. Toen Ferrell in het aangrijpende nummer I can explain, de regel ‘You’ve got somebody else’ zong, of eerder volbracht, was het of het schilderij De schreeuw van Munch tot leven kwam.
 
Uit de Amy Winehouse-school toonde Adele zich een begeesterder leerling dan Duffy. Seal maakte zijn comeback met oude hits als Crazy. Kyteman’s hiphop orkest zorgde voor enorme opstoppingen in de festivalgangen. Mensen gingen nog net niet bij elkaar op schoot zitten om hem al springend te zien dirigeren. Hartverwarmend was het concert van Melody Gardot, die op het podium de indruk wekte van een spinnende kat met haar zang vol rollende r-en, haar sluipende ritme en hier en daar een onverwachte uithaal.
 
En toen trad zanger, gitarist, producer Raphael Saadiq aan in de middelgrote zaal. Hij zong en nam ons mee naar de tijden van Smokey Robinson, Marvin Gaye en Sam Cooke. Hij danste en de shows van James Brown kwamen voor ogen. Hij en zijn band stuwden het bloed met een rotgang van de tenen via het hart naar de kruin. En de grote vraag, die bij velen door het hoofd bleef spelen was: wie was in vredesnaam die achtergrondzangeres? Signalement: donkere vrouw met verderlicht postuur, hoge soulstem, kort gestreken haar, mannenpak met stropdas en een energie waar tien huishoudens een week op kunnen draaien.
 
 NORTH SEA JAZZ FESTIVAL 2009, Duffy, Burt Bacharach, Soil & Pimp, John Zorn, Melody Gardot, Raphael Saadiq, e.a., gezien: 10, 11 en 12 juli 2009 Ahoy’.

Print Friendly
cultuurperslidCultuurpers is een coöperatieve vereniging. U kunt ons en uzelf helpen door lid te worden van Cultuurpers. -

DISCUSSIEZONE

More in OPINIE (50 of 53 articles)