Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

Cultuurpers | 22 July 2014

Scroll to top

Top

8 reacties

Hoe twee orkesten een internationaal verdienmodel verkochten als regionaal

Hoe twee orkesten een internationaal verdienmodel verkochten als regionaal
Henri Drost

Recap: Er zijn teveel orkesten in Nederland, vindt de regering, en dus moeten er een paar weg. Of samengaan. Nu schijnt dat gedwongen fuseren niet erg van harte te gaan. Maar je kunt er wel geld mee verdienen. In Gelderland en Overijssel leidt dat tot bizarre taferelen. Het zou komisch geweest zijn als het niet zoveel geld had gekost.

Om vijf ton extra binnen te kunnen halen, trekken het Nederlands Symfonie Orkest en het Gelders Orkest één lijn. En met succes: de provinciale overheden van Overijssel en Gelderland vangen de subsidiekorting van het rijk op. Nu blijkt echter dat de plannen waarmee die redding is binnengeharkt, dubieus zijn. De politiek heeft daar nauwelijks naar gekeken. Vragen over het businessplan kwamen in Overijssel vooral van de PVV, maar in Gelderland stemde die zelfde partij na een – opmerkelijk vernietigende – contra-expertise juist enthousiast in met de miljoeneninjectie.

Tot zover dus de politiek.

Kijken we eens wat beter naar die vernietigende contra-expertise van prof. dr. E. van de Bunt. Hij was vooral geschokt door de verdienmodellen die beide orkesten presenteerden. De professor vroeg alleen niet waar de cijfers vandaan kwamen. Tijd om dieper te graven. Zo stuitten we al na een paar minuten op rapporten die overduidelijk de input geleverd hebben.

Nou ja, zeer selectief dan.

Laten we het eens over de inkomsten hebben. Van het kabinet-Rutte moeten gesubsidieerde instellingen minstens 17,5% van hun geld zelf verdienen. Wij toonden al eerder aan dat dat geen enkel probleem is voor de meeste clubs. Maar wat schrijven de twee orkesten in Oost-Nederland?

“In 2016 zijn we nog maar voor 50% afhankelijk van subsidies, de andere helft halen we zelf binnen.”

Dat is niet ambitieus meer, maar ronduit idioot.

Hoe komen ze erbij, vraagt een mens zich dan af. Dat blijkt heel simpel. Dat ontleen je aan Er zit muziek in de Nederlandse symfonieorkesten, een rapport van registeraccountants Dubois & Co. Het dateert nog van juni 2010, en is gebaseerd op gesprekken met, uiteraard, ook het toenmalige Orkest van het Oosten (nu Nederlands Symfonie Orkest (NSO)) en het Gelders Orkest (HGO).

Nu snappen we waarom NSO-directeur Harm Mannak aan iedereen vertelt dat zijn plannen niet zijn ingegeven door de bezuinigingen van Zijlstra, maar dat hij al veel eerder in die richting dacht. Dat klopt. Eén mysterie opgelost. Dubois & Co waren dan ook duidelijk genoeg:

“In de veranderende context is het essentieel dat orkesten heldere keuzes maken over hun ambitie en de componenten van hun businessmodel.

Het is dan wel handig, zo vertelt de accountant erbij, dat je niet allemaal hetzelfde doet. Daartoe splitst hij het veld uit in drie ‘profielen’, met elk een eigen ‘verdien’model. Ze maken zo een onderscheid:

  • orkesten met de ambitie om in de eigen regio een prominente rol te vervullen met symfonische muziek en maatschappelijke programma’s. De verwachte eigen inkomsten zullen op zijn hoogst 25% van het totaal zijn;
  • orkesten die andere cultuurinstellingen met symfonische muziek als partner ondersteunen. Die verdienen nog minder zelf, omdat bij de ondersteuning van een gesubsidieerde partner de beurzen gesloten blijven;
  • orkesten die internationaal doorbreken en de belangrijkste podia in de wereld bespelen verdienen het meest. Hun eigen inkomsten kunnen, als het heel erg meezit, oplopen tot 55% van het totaal.

En hier is dus het probleem: als regionale orkesten gaan de clubs in Gelderland en Overijssel dus samen apart voor dezelfde hoofdprijs, die je ook nog eens alleen kunt winnen als je voor een internationale uitstraling kiest. Dan kun je 55% eigen inkomen halen, en dat hebben beide directies voor het gemak naar 50% afgerond. En wie mocht twijfelen aan de haalbaarheid: internationaal is geen probleem, want ze zitten dus allebei vlak bij Duitsland. Waar ze kennelijk geen eigen orkesten en/of muziektraditie hebben. Dat bovendien een internationale ambitie al je regionale ambities ondermijnt laten ze ook even buiten de aanvragen. Om niet helemaal raar over te komen vertellen ze dus ook nog iets over het ‘partnermodel’. De orkesten moeten het niet alleen van elkaar hebben, ze hebben ook nog een plicht om opera, toneel en ballet te begeleiden. Al wordt die eis in het geval van het NSO vertaald in een poging tot vijandige overname van de Nationale Reisopera.

Zo hebben we een beeld van twee concurrerende orkesten die zeggen samen te werken, maar elkaar feitelijk de tent uit vechten op basis van een onhaalbaar verdienmodel. En passant wordt ook nog een al jaren bestaand operagezelschap buitengesloten en zelfs in de verdachtenbank gezet. Het verwijt van NSO richting Reisopera niet te willen praten over vergoeding voor operabegeleiding blijkt onzin. Orkesten krijgen geld om dat te doen van het rijk.  Berenschot zegt in een rapport in opdracht van het minsiterie daarover juist:

Het ‘om-niet’-principe scheelt een hoop onderlinge geldstromen en mogelijke twisten over de hoogte van vergoedingen.

Enfin.

Waar is het allemaal om begonnen? De zo gewenste half miljoen extra rijkssubsidie kunnen ze alleen krijgen als ze nauw gaan samenwerken. Dat is alleen wat anders dan precies hetzelfde doen. Daarover is iedereen het eens. Ook Van de Bunt is juist hierover zeer kritisch:

“Wat betreft valkuilen en kansen met betrekking tot regionale samenwerking: er kan worden geconstateerd dat het HGO Businessplan iets te gemakkelijk spreekt over samenwerking met diverse partijen. Samenwerking gaat niet zomaar, vooral niet als er al een langere historie van minder soepele samenwerking met de betreffende partner bestaat.

Dat de samenwerking in de regio niet al te soepel verloopt, is geen geheim. Fuseren willen beide orkesten onder geen beding, en de samenwerking met de grootste partner, de reisopera, is ronduit explosief.

Dat beide orkesten ondanks rammelende plannen en verdienmodellen uit de sprookjes van Grimm miljoenen binnen wisten te halen is dan ook verwonderlijk. De concurrentie zal bij deze krimpende markt leiden tot een gedwongen fusie of de opheffing van één of meer van de strijdende partijen. Maar gelukkig wel met minimale ‘frictiekosten’, zo zal blijken.

Geen wonder dat Zijlstra beide orkesten als te volgen voorbeeld noemt.

Om de staatssecretaris ter wille te zijn heeft men er namelijk voor gezorgd dat de rampzalige gevolgen van deze clash of the titans niet voor rekening van het Rijk zijn. Daar gaan de lagere overheden voor betalen, maar vooral – en dat is schrijnend – het personeel en de muzikanten.

Hoe dit allemaal kan? Daarover meer, veel meer, in deel drie.

Print Friendly
cultuurperslidCultuurpers is een coöperatieve vereniging. U kunt ons en uzelf helpen door lid te worden van Cultuurpers. -

Comments

  1. Karel zegt:
    9 maart 2012 om 12:07 pm

    “Wel leuk en smeuïg opgeschreven zo, maar helaas rammelt uw analyse.”

    zo zo.

    “Immers(!), als de businessmodellen van beide orkesten te ambitieus (haha) en onhaalbaar (hihi) zijn, wat is dan het alternatief dat u daar tegenover stelt? ”

    Moet een journalist daar iets tegenover stellen?

    “Deze orkesten zijn bezig met overleven en hebben daarvoor klaarblijkelijk een modus(.) gevonden. Het is wel erg gemakkelijk(-) om dat nu af te schieten(!)”

    “Want ‘laten-we-wel-wezen’: het alternatief is …..musici ontslaan,…… kleiner worden, marginaliseren en verdwijnen, of fuseren, musici ontslaan, de eerste 10 jaar gericht zijn op intern gedoe, en hoe dan ook zicht blijven houden op een onzekere afloop.”

    Wat blijkt dan nu?

    “Dan vind ik de vlucht naar voren en het ondernemerschap dat deze organisaties laten zien veel positiever en beter”(!)

    “Daarnaast heeft u het in dit artikel over een “al jaren bestaand operagezelschap”. Ik neem aan dat daarmee de Nationale Reisopera wordt bedoeld.”

    Waarschijnlijk, ja.

    “Die mag dan inderdaad al jaren bestaan, maar vanaf 1 januari 2013 niet meer in die vorm die bekend is uit het verleden.”

    Zo zo..

    “Dat komt niet door een alternatieve aanvraag van het Nederlands Symfonieorkest (echt niet?) en ook niet door de door u geschetste explosieve situatie tussen de orkesten en de opera, maar dat komt doordat de staatssecretaris “slechts” 3,5 miljoen voor de reizende operafunctie beschikbaar heeft gesteld.

    “Misschien moet u eens bij het ministerie navragen wat de Reisopera fout heeft gedaan om een dergelijke afstraffing te ‘verdienen’.”

    “Het antwoord* zou nog wel eens kunnen verbazen(!) en een heel ander(werkelijk?) licht kunnen werpen op al dat gepiep en gekerm en algeheel slachtoffergedrag (welk?) dat nu door de Reisopera op de bühne wordt gebracht”.(Waar?)

    *zie adviezen raad voor de cultuur.

    Karel van der Poel bestaat niet echt. Voordeel: trollen staan ook niet op een loonlijst.

  2. Karel

    Wel leuk en smeuïg opgeschreven zo, maar helaas rammelt uw analyse. Immers, als de businessmodellen van beide orkesten te ambitieus (haha) en onhaalbaar (hihi) zijn, wat is dan het alternatief dat u daar tegenover stelt? Deze orkesten zijn bezig met overleven en hebben daarvoor klaarblijkelijk een modus gevonden. Het is wel erg gemakkelijk om dat nu af te schieten. Want laten we wel wezen: het alternatief is musici ontslaan, kleiner worden, marginaliseren en verdwijnen, of fuseren, musici ontslaan, de eerste 10 jaar gericht zijn op intern gedoe, en hoe dan ook zicht blijven houden op een onzekere afloop. Dan vind ik de vlucht naar voren en het ondernemerschap dat deze organisaties laten zien veel positiever en beter. Daarnaast heeft u het in dit artikel over een “al jaren bestaand operagezelschap”. Ik neem aan dat daarmee de Nationale Reisopera wordt bedoeld. Die mag dan inderdaad al jaren bestaan, maar vanaf 1 januari 2013 niet meer in die vorm die bekend is uit het verleden. Dat komt niet door een alternatieve aanvraag van het Nederlands Symfonieorkest en ook niet door de door u geschetste explosieve situatie tussen de orkesten en de opera, maar dat komt doordat de staatssecretaris “slechts” 3,5 miljoen voor de reizende operafunctie beschikbaar heeft gesteld. Misschien moet u eens bij het ministerie navragen wat de Reisopera fout heeft gedaan om een dergelijke afstraffing te verdienen? Het antwoord zou nog wel eens kunnen verbazen en een heel ander licht kunnen werpen op al dat gepiep en gekerm en algeheel slachtoffergedrag dat nu door de Reisopera op de bühne wordt gebracht.

  3. Karel

    Ik bedoelde eigenlijk een andere reactie, maar misschien was er een technisch probleem, ik zoek ‘m even op en dan probeer ik het nog een keer.

  4. Hoi Karel,
    Je vorige reactie is op 14 februari bij het betreffende verhaal geplaatst.

  5. Karel

    Ik geloof dat het cultureel persbureau zeer selectief is in het plaatsen van reacties. Mijn vorige commentaar is in ieder geval nog niet geplaatst. Zeker bang voor afwijkende meningen ;)

  6. We hebben de foto inmiddels aangepast.

  7. twitter_HenriDrost

    Beste Wendolien,

    U heeft natuurlijk gelijk. De foto is zonder geplaatst zonder vooraf toestemming te vragen. Daarvoor onze excuses. We zullen de foto vervangen door een ander beeld.

    De impact van de bezuinigingen op amateurgezelschappen is inderdaad enorm. Ook daar zullen we in de nabije toekomst zeker aandacht aan besteden.

    Hartelijke groet,

    Henri Drost

  8. Beste meneer Drost,
    Als bestuurslid van een klein, maar zeer gezellig amateur harmonieorkest moest ik toch even tweemaal knipperen met mijn ogen toen ik de voorpagina van deze website zag en een toch wel erg bekend orkest op de slide bovenaan de pagina prominent in beeld zag.
    Het plaatje dat bij uw artikel is toegevoegd is mijn eigenste clubje, namelijk de Westerharmonie uit Amsterdam. Nu u de vrijheid heeft genomen een foto van ons te plaatsen zonder onze naam (overigens is de foto m.i. niet eens geheel ‘on topic’ mbt het artikel) te noemen, voel ik dus maar zo vrij om u van harte te bedanken voor het plaatsen van een foto van de Westerharmonie uit Amsterdam (Nieuw-West).

    Ik wil hierbij ook even van de gelegenheid gebruik maken een balletje op te gooien. De gehele discussie wat betreft de bezuinigingen op de kunsten gaat voornamelijk om de professionele orkesten. De impact van de algehele bezuinigingen zal echter ook enorm zijn voor de amateurgezelschappen. De gemeentes, waarvan de amateurgezelschappen voornamelijk hun subsidie van ontvangen, zullen namelijk ook minder te besteden hebben de komende jaren.

    Zouden binnen de kunstbezuinigingsdiscussie niet ook de amateurs belicht moeten worden?

    In afwachting van uw reactie,

    Hartelijke groet,
    Wendolien Krul
    Secretaris Westerharmonie

DISCUSSIEZONE

More in NIEUWS, Uitgelicht (365 of 779 articles)
In Musis Sacrum schijnt het te stinken