Dobrinka Tabakova schrijft dubbelconcert voor Lucas en Arthur Jussen: ‘Het zindert van energie’

111
0

Het AVROTROS Vrijdagconcert koestert zowel de gangbare meesterwerken als minder gehoord en nieuw repertoire. In het seizoen 2017-18 staan liefst vijf (wereld)premières op het programma, waarvan drie gecomponeerd door een vrouw. – Kom daar eens om bij de landelijke orkesten.

Vrijdag 17 november klinkt het gloednieuwe dubbelconcert Together Remember to Dance van de Brits/Bulgaarse Dobrinka Tabakova. Zij componeerde het op verzoek van Amsterdam Sinfonietta, voor deze gelegenheid aangevuld met Slagwerk Den Haag. Solisten zijn de pianisten Lucas en Arthur Jussen. Het stuk beleeft zijn wereldpremière op donderdag 16 november in Muziekgebouw aan ’t IJ. Zeven vragen aan Tabakova.

Wat typeert u als componist?

Vanaf ongeveer mijn zevende kreeg ik pianoles en ging ik verwoed improviseren. Die vrije manier van uitdrukken heeft mijn grote liefde, bovendien wil ik communiceren met het publiek. Dat zijn twee wezenskenmerken van mijn muziek. Het maakt mij gelukkig als mensen geraakt worden door mijn werk, maar ik ben ook gefascineerd door hoe klanken zich aaneenrijgen tot een muzikale structuur.

Zinderende energie

Hoe ontstond ‘Together Remember to Dance?’

Nadat Amsterdam Sinfonietta in 2008 mijn Concert voor cello en Strijkorkest gepresenteerd had, opperden zij het idee van een dubbelconcert voor twee piano’s, slagwerk en strijkers. Dit inspireerde mij om een opwindend stuk te schrijven, met een zinderende energie. Mijn concert heeft drie delen, zoals gangbaar in de klassieke muziek. Ik hou vooral van vroege barokmuziek, vanwege de dialoog tussen solisten en ensemble. Dat vind ik aantrekkelijker dan één hoofdstem met begeleiding, wat je daarna vaak hoort.

Het eerste deel heet ‘Together’. Hierin spelen de twee piano’s, het slagwerk en de strijkers ieder een eigen rol, waarbij de aandacht steeds van de een naar de ander verschuift. In het langzame middendeel wilde ik een spiraalvorm creëren van terugkerende thema’s die telkens net iets anders zijn. Vandaar de titel ‘Remember’. Het laatste deel heet ‘Dance’ en heeft een constante puls, maar zit ook vol verrassingen. Samen vormen deze namen de titel van mijn stuk.

Wat deed u als eerste toen u aan uw compositie begon?

In dit geval wist ik al een paar jaar dat ik dit concert zou gaan schrijven. Ik herinner me dat meteen het idee bij me opborrelde het een driedelige structuur te geven, met een klassieke symmetrie van ‘snel, langzaam, snel’. Ik vind het belangrijk mij voor te stellen hoe de tijd verglijdt tijdens de duur van het nieuwe stuk. Vervolgens ga ik schetsen en improviseren om de thema’s en klankkleuren van elk deel te vinden.

Bulgaarse ritmiek

Uw stuk staat op het programma naast Bartóks ‘Muziek voor snaren, slagwerk en celesta’. Heeft u dit geïnspireerd tijdens het componeren?

Werken als Bartók’s Muziek voor snaren, slagwerk en celesta, of Stravinsky’s Sacre du printemps zijn iconen van de 20e-eeuwse muziek. Het is als componist onmogelijk ze niet bestudeerd te hebben en te bewonderen. Maar tijdens het schrijven ben ik helemaal gefocust op wat ik wil overbrengen. Ik zou me niet kunnen concentreren als er ondertussen een ander werk door mijn hoofd spookte.

Dat Bartók muziek uit mijn vaderland Bulgarije bestudeerde en Bulgaarse ritmes gebruikte in het laatste deel spreekt mij aan. Ook de finale van mijn concert is een snelle, caleidoscopische dans, maar ik denk dat het effect heel anders is. Componeren voor deze combinatie van instrumenten roept automatisch associaties op met Bartók. Maar dat geldt voor elke structuur of werk dat lijkt op een vroegere vorm. Als schepper moeten wij ons bewust zijn van het verleden, maar ook het heden reflecteren en stappen vooruit zetten.

Arthur (boven) en Lucas Jussen, foto Dirk Kikstra

U werd geboren in Bulgarije, maar verhuisde naar Groot-Brittannië, waarom?

Mijn ouders en ik emigreerden in 1991 naar Londen, waar mijn vader een functie kreeg aan King’s College; hij is hoogleraar medische fysica. Ik speelde toen al piano, maar pas in Londen deed ik auditie voor de juniorenafdeling van de Royal Academy of Music. Mijn ouders begrepen dat muziek belangrijk voor mij was, maar zagen mij misschien meer als uitvoerder. Toch steunden ze mij toen ik aangaf te willen gaan componeren. Ik studeerde compositie aan de Guildhall School of Music en aan King’s College. Ik ben dankbaar voor die vrijheid, en voor het vertrouwen dat ze in mij stelden.

Repetities brengen techniek tot leven

U studeerde onder anderen bij Diana Burrell en George Benjamin. Wie was het belangrijkst?

Elk van mijn docenten heeft zijn of haar eigen compositorische stem. Jarenlang had ik meer dan één leraar, dus ik onderging al die verschillende onderwijstechnieken en stijlen tegelijkertijd. Ik heb nooit ook maar enige druk ervaren om stukken te maken die aansloten bij hun stijl. Mijn eerste diploma verwierf ik aan een conservatorium, wat een zeer praktische omgeving is. Zeker vergeleken met de meer academische universiteit, waar ik mijn doctoraat behaalde.

Aan het conservatorium werden we omringd door vertolkers, de meest vruchtbare omgeving voor een compositiestudent. We konden onze eigen concerten organiseren, dus we moesten muzikanten zoeken die zouden optreden, repetitieschema’s maken, dirigeren…. Zo werd compositie vanuit het klaslokaal naar de concertzaal gebracht. Ik koester nog altijd de gesprekken en discussies die ik met elk van mijn docenten heb gevoerd. Maar het waren de repetities met muzikanten waardoor alle technieken tot leven kwamen.

Publiek uitdagen

U volgde ook masterclasses bij Louis Andriessen, hoe was dat?

Louis Andriessen was begin van de jaren 2000 in Londen voor concerten. Eén van de geweldige aspecten van studeren aan een conservatorium naast het Barbican Centre is dat bezoekende componisten er vaak presentaties en masterclasses komen geven. Ik herinner me dat ik een portfolio indiende en hem enkele van mijn werken mocht tonen. Hieronder zaten wat schetsen voor een kameropera; ik meen dat hij net een samenwerking op filmgebied had afgerond.

We spraken over samenwerken met verschillende kunstenaars, experimenteren, over het uitdagen van publiek en het kiezen van verschillende locaties. Ik heb groot respect voor hoe hij de Nederlandse muziek – en nieuwe muziek in heel Europa – heeft beïnvloed. Het was bijzonder persoonlijk met hem van gedachten te kunnen wisselen. Ik hoop hem te zien bij de première van Together Remember to Dance.

Goed om te weten Goed om te weten

16-22 november: tournee Amsterdam Sinfonietta
Candida Thompson leiding en viool
Slagwerk Den Haag
Lucas en Arthur Jussen piano

Ford • Luccicare
Panufnik • Lullaby
J.S. Bach • Concert voor twee piano’s BWV 1060
Tabakova • Together Remember to Dance voor twee piano’s, strijkers en slagwerk (wereldpremière met steun van Ammodo)
Bartók • Muziek voor snaren, slagwerk en celesta

Meer info en kaarten.


Ook te lezen op Medium.

Deel dit!
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •